200 procent schadevergoeding bij schending auteursrechten op software


© CASSIER & VAN MALDEGHEM - klik voor meer info of voeg ons toe op linkedin



Gent (7 bis kamer) 2 maart 2009.

Samenvatting: Een schadevergoeding van 200 % van de oorspronkelijk niet betaalde licentievergoeding komt verantwoord voor, gelet op de materiŰle en morele schade welke de titularis van de intellectuele eigendomsrechten lijdt.

De materiŰle schade bestaat uit de gederfde inkomsten (gÚÚn legale licenties aangekocht) en uit het feit dat zij personeel moeten inzetten tot bestrijding van de namaak (het "anti-piracy" beleid).

Trefwoorden: Auteursrechten - Computerprogramma "AutoCAD 2000" - Wet van 30 juni 1994 ("softwarewet").

Volledige tekst:

In de zaak van:

1. LATEXFALT N.V.,
met maatschappelijke zetel te 9160 LOKEREN, Zoomstraat 10, ingeschreven met KBO-nummer 0400.156.177, eerste appellante,

2. IMMO KEPPENS N.V., met maatschappelijke zetel te 9160 LOKEREN, Zoomstraat 10, ingeschreven met KBO-nummer 0455.233.668, tweede appellante,

3. BOUWBEDRIJF KEPPENS N.V., met maatschappelijke zetel te 9160 LOKEREN, Zoomstraat 10, ingeschreven met KBO-nummer 0406.258.269, derde appellante,

4. K. G., , wonende te , vierde appellant,5. K. D.,, wonende te , vijfde appellant,

tegen:

1. AUTODESK INC., met maatschappelijke zetel te 94903 CA SAN RAFAEL (VS), 111 Mclnnis Parkway, eerste ge´ntimeerde,

2. AUTODESK BV, met maatschappelijke zetel te Nederland, 2993 LE Barendrecht, Trondheim 16, tweede ge´ntimeerde,

velt het hof het volgend arrest:

Partijen werden gehoord ter openbare terechtzitting in hun middelen en conclusies, alsook werden hun stukken ingezien.

1.

Bij verzoekschrift, neergelegd op 16 januari 2006, hebben appellanten hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 23 mei 2005 op tegenspraak gewezen door de 1ste kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Gent (AR. 04/3977/A). Het vonnis a quo werd betekend op resp. 15 december 2005 (aan 5de appellant) en 16 december 2005 (aan 1ste tot 4de appellanten).

Feiten en procedure in eerste aanleg

2.

De vennootschap naar het recht van de staat Delaware (Verenigde Staten) AUTODESK INC. is titularis van de intellectuele eigendomsrechten op de softwareprogramma's "AutoCAD" en "AutoCAD LT", alsook op de merken "Autodesk" en "AutoCAD". De Nederlandse dochtervennootschap BV AUTODESK exploiteert deze rechten in BelgiŰ (hierna samen "ge´ntimeerden"). "AutoCAD" is een technisch tekenprogramma om industriŰle productie- en bouwplannen te tekenen.

Met toelating van de beslagrechter te Dendermonde legden ge´ntimeerden op 18 juni 2004 beslag inzake namaak op de zetel te Lokeren van de NV LATEXFALT, de NV IMMO KEPPENS en de NV BOUWBEDRIJF KEPPENS. Uit het expertiseverslag van gerechtsdeskundige Paul DE VOCHT van 7 oktober 2004 bleek dat er aldaar drie illegale kopies van het programma "AutoCAD 2000" werden aangetroffen.

Bij dagvaardingen, betekend resp. op 15 en 18 oktober 2004, vorderden ge´ntimeerden lastens de NV LATEXFALT, de NV IMMO KEPPENS, de NV BOUWBEDRIJF KEPPENS, G. K. en D. K. (hierna: "appellanten"):

(1) te horen zeggen voor recht dat zij een inbreuk hebben gepleegd op de auteursrechten verbonden aan het computerprogramma "AutoCAD 2000";

(2) verbod om nog verder de illegale reproducties van het computer-programma "AutoCAD 2000" te gebruiken of tijdelijk te reproduceren en publiek mede te delen op de PC's genaamd "Guy", "Daan" en "Wannes";

(3) bevel om onder controle van een gerechtsdeurwaarder en expert DE VOCHT de illegale kopies van de "AutoCAD" programma's, na ontzegeling te vernietigen, onder verbeurte van een dwangsom van 10.000,00 EUR per illegale versie welke niet vernietigd zal worden; solidaire veroordeling tot betaling van de kosten en erelonen van de gerechtsdeurwaarder en deskundige voor voormelde prestaties, op eenvoudige voorlegging van hun rekeningen, resp. staat van kosten en ereloon;

(4) solidaire veroordeling tot betaling van een schadevergoeding van 48.674,57 EUR in totaal, mÚÚr de vergoedende rente vanaf 18 juni 2004, mÚÚr de gerechtelijke rente en de gedingkosten.

Bij het vonnis a quo van 23 mei 2005 verklaarde de eerste rechter de vordering ontvankelijk en als volgt gegrond:

(1) zegt voor recht dat appellanten zich schuldig hebben gemaakt aan inbreuken op de aan het computerprogramma "AutoCAD 2000" verbonden auteursrechten die aan ge´ntimeerden toebehoren;

(2) beveelt appellanten om onder controle van een gerechtsdeurwaarder en expert DE VOCHT de illegale versies van de "AutoCAD" programma's op de PC's met namen "Guy", "Daan" en "Wannes" nÓ ontzegeling te vernietigen;veroordeelt appellanten solidair tot betaling van de kosten en erelonen van de gerechtsdeurwaarder en expert voor voormelde prestaties, op eenvoudige voorlegging van hun rekeningen, resp. staat van kosten en ereloon;

(3) veroordeelt appellanten solidair tot betaling van een schadevergoeding ten bedrage van 20.250,00 EUR, mÚÚr de vergoedende rente vanaf 18 juni 2004, mÚÚr de gerechtelijke rente, mÚÚr alle geding- en expertisekosten.

Procedure in hoger beroep

3.

Het hoger beroep werd ingesteld door de oorspronkelijke verweerders. Appellanten stellen als grieven:

(1) enkel 3de appellante is bezitter van de betrokken software en lastens 4de en 5de appellanten kan gÚÚn aansprakelijkheid gelegd worden;

(2) ge´ntimeerden kunnen niet samen hetzelfde schadebedrag vorderen;

(3) de schade wordt niet bewezen en kan niet ex aequo et bono worden geraamd, enkel de effectieve winstderving kan in aanmerking komen, minstens kan er gÚÚn 200% van de licentieprijs worden toegekend, steunt de eerste rechter zich ten onrechte op de prijs van een legale versie "AutoCAD 2005", alsook is er geen morele schade geleden;

(4) voor de maatregel tot vernietiging van de illegale versies is de aanwezigheid van een gerechtsdeurwaarder en de deskundige overbodig.

Ge´ntimeerden weerleggen deze grieven. Bij incidenteel hoger beroep vorderen ze deze onderdelen van hun oorspronkelijke vordering die niet werden ingewilligd:

(1) verbod om de illegale reproducties te gebruiken, te reproduceren of mede te delen aan het publiek naar de toekomst toe;

(2) het koppelen van een dwangsom aan het bevel tot vernietiging van de illegale versies;

(3) een schadevergoeding van 27.000,00 EUR (coŰfficiŰnt x 2, dus dubbele prijs van een licentie) + 8.000,00 EUR (advocatenhonoraria) + 13.500,00 EUR (aankoopprijs licenties).

Voor een gedetailleerde uiteenzetting van de grieven en argumenten van partijen, kan worden verwezen naar de beroepsakte en hun conclusies.

Beoordeling

4.

Dat er in casu inbreuken werden vastgesteld op de artikelen 5a), 10 en 11 van de Wet van 30 juni 1994 houdende omzetting in Belgisch recht van de Europese richtlijn van 14 mei 1991 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma's (hierna: de "Softwarewet") blijkt naar genoegen van recht uit de voorgelegde stukken, inzonderheid uit het verslag van expert Paul DE VOCHT (blz. 13-14).

5.

De informatiedragers waarop de illegale software werd aangetroffen bevonden zich op het adres van de maatschappelijke zetel van de NV LATEXFALT, de NV IMMO KEPPENS en de NV BOUWBEDRIJF KEPPENS. Hieruit volgt dat deze vennootschappen in het bezit waren van de software, zodat de inbreuk op de auteursrechten lastens hen moet weerhouden worden. Conform art. 2228 B.W. waren zij houders van de illegale software en dienen zij als bezitters te worden aanzien.

Het feit dat de computers werden aangekocht door de NV BOUWBEDRIJF KEPPENS (stukken 7-8 appellanten) doet hieraan geen afbreuk en belet niet dat de kwestieuze computers ook door de andere vennootschappen werden gebruikt.

G. en D. K. zijn afgevaardigd bestuurder van voormelde vennootschappen (stuk A4 ge´ntimeerden). De illegale versies van de software stonden op hun PC's. Het feit dat ze enkel de vennootschappen vertegen-woordigen, belet niet dat ze voor de door hen gepleegde onrechtmatige daden aansprakelijk zijn jegens eenieder die hierdoor schade lijdt (art. 1382 B.W.). Daarnaast zijn ze ook strafrechtelijk aansprakelijk volgens art. 11 van de Softwarewet.

Het argument van de onwetendheid omtrent het illegaal karakter van de software faalt. Vermits auteursrecht een absoluut recht is, bestaat de fout in iedere overtreding van dat recht, zelfs onopzettelijk, zelfs uit onwetendheid. Het louter bezit is strafbaar. Goede trouw speelt geen rol (vgl. Antwerpen, 13 oktober 2008, AR. 2007/2737, onuitgeg. - stuk A30 ge´ntimeerden; Brussel, 27 september 1989, Ing.Cons. 1989, 271).

6.

Ten onrechte stellen appellanten dat ge´ntimeerden niet samen hetzelfde schadebedrag kunnen vorderen. De vennootschap naar het recht van de staat Delaware (VS) AUTODESK INC. is titularis van de intellectuele eigendoms-rechten op het softwareprogramma "AutoCAD" (morele- en vermogens-rechten). Haar Nederlandse dochtervennootschap BV AUTODESK exploiteert deze rechten in BelgiŰ (vermogensrechten ingevolge overdracht - stukken A1/a-b ge´ntimeerden). Beiden beschikken over de auteursrechten en kunnen de hen aangerichte schade terugvorderen.

7.

Bij toepassing van art. 1382 B.W. vorderen ge´ntimeerden uit hoofde van de door hen geleden schade ingevolge de door appellanten gepleegde inbreuken, een schadevergoeding die ex aequo et bono geraamd wordt op tweemaal de normalerwijze te betalen licentievergoeding, nl. een schadevergoeding van 200%. Appellanten betwisting deze raming als "double damage" en een verrijking.

De materiŰle schade van ge´ntimeerden bestaat uit de gederfde inkomsten (gÚÚn legale licenties aangekocht) en uit het feit dat zij personeel moeten inzetten tot bestrijding van de namaak (het anti-piracy beleid). Het illegaal kopiŰren van software veroorzaakt ook morele schade door het miskennen van de exclusieve auteursrechten en schade aan het imago van ge´ntimeerden en de waarde van hun producten.

Door appellanten werd op een onrechtmatige wijze winst genoten, vermits ze gÚÚn licentievergoeding hebben betaald. Ook tast dergelijke inbreukmaker de normale markteconomie aan.

Het feit dat de aangetroffen versie van "AutoCAD 2000" thans niet meer in de handel is en werd vervangen door een nieuwe versie, belet niet dat ge´ntimeerden vergoeding kunnen vorderen voor geleden schade ingevolge het gebruik van de illegale versies van hun product.

De geleden schade kan niet met mathematische zekerheid worden vastgesteld en is niet nauwkeurig becijferbaar. De schade dient door het Hof ex aequo et bono te worden vastgesteld.

Hoewel het principe van "double damage" (200% schadevergoeding) niet opgenomen werd in artikel 13 van de Richtlijn 2004/48/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handhaving van de intellectuele eigendomsrechten van 29 april 2004 (Pb., L195, 16, rechtzetting van Pb., L157, 45, genoemd: "Handhavings-richtlijn") en ook door de Belgische wetgever niet in de Softwarewet werd opgenomen, kent het Hof als schadevergoeding 200% van de oorspronkelijk niet betaalde licentievergoeding toe. Bovenvermelde materiŰle en morele schade die ge´ntimeerden leden, verantwoorden dit.

In de praktijk sluiten ge´ntimeerden tal van dadingen op deze basis met ontdekte bezitters van illegale software (stukken B91 tot B124 ge´ntimeerden), alsook passen vele rechtbanken coŰfficiŰnt 2 toe (bv. stukken A8, A25-A27, A30 ge´ntimeerden).

In tegenstelling tot de eerste rechter die slechts schadebegrotingscoŰfficiŰnt 1,5 toepaste, kent huidig Hof factor 2 toe (zie ook Gent, 19 januari 2009, AR. 2006/0885, onuitgeg. - bijkomend stuk ge´ntimeerden).

Een licentie voor de "full" versie van "AutoCAD" kost 4.500,00 EUR (stuk A9 ge´ntimeerden). Het Hof neemt deze objectieve aankoopadviesprijs in aanmerking. Er kan geen rekening worden gehouden met kortingen die sommige dealers als commercieel voordeel aan hun klanten verstrekken.

De schade wordt derhalve in billijkheid begroot op 4.500,00 EUR x 3 kopies x 2 = 27.000,00 EUR. Het incidenteel hoger beroep is op dit punt gegrond.

Wel kan niet nogmaals de kostprijs van een legale licentie worden aangerekend (de gevorderde regularisatie), wat dubbel gebruik zou uitmaken. Appellanten kunnen niet verplicht worden tot aankoop van een product van ge´ntimeerden. Het staat hen vrij voor de toekomst zelf te beslissen welke software zij aanschaffen en gebruiken, mits dit op een wettige manier gebeurt.

Honoraria van advocaten worden thans uitsluitend vergoed via de rechtsplegingsvergoedingen bepaald bij de Wet van 21 april 2007 en het K.B. van 26 oktober 2007 (art. 1022 in fine Ger.W.). Deze wettelijke regeling is tot stand gekomen nÓ de Handhavingsrichtlijn en de TRIPs-overeenkomst en de wetgever wordt geacht rekening te hebben gehouden met deze internationale regelgeving.

8.

De vordering tot vernietiging van de nagemaakte software werd terecht gegrond verklaard. De aanwezigheid hierbij van een gerechtsdeurwaarder en van de expert komt gerechtvaardigd voor, gezien de uitvoering hiervan op tegenspraak de meeste garanties biedt voor een effectieve verwijdering.

Bij incidenteel hoger beroep vorderen ge´ntimeerden dat deze verwijdering moet worden bevolen onder verbeurte van een dwangsom van 10.000,00 EUR per illegaal exemplaar dat niet vernietigd zal worden. Evenals de eerste rechter is het Hof van oordeel dat het opleggen van een dwangsom overbodig voorkomt gezien de aanwezigheid bij de verwijdering van een gerechtsdeurwaarder en de deskundige.

Inzake het gevraagde verbod om de illegale reproducties te gebruiken, reproduceren of mede te delen aan het publiek naar de toekomst toe, bestempelde de eerste rechter dit verbod terecht als overbodig, gezien de vernietiging van de illegale versies.

* * * * * * * * * *

OM DEZE REDENEN,

HET HOF,

Recht doende op tegenspraak,

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken.

Verklaart het principaal hoger beroep ontvankelijk, doch ongegrond.

Verklaart het incidenteel hoger beroep ontvankelijk en als volgt gegrond:

Bevestigt het bestreden vonnis, met dien verstande dat appellanten solidair worden veroordeeld tot betaling aan ge´ntimeerden van 27.000,00 EUR (in plaats van de toegekende som van 20.250,00 EUR), mÚÚr de vergoedende rente vanaf 18 juni 2004, mÚÚr de gerechtelijke rente tot volledige betaling.

Wijst de overige onderdelen van het incidenteel hoger beroep af als ongegrond.

Veroordeelt appellanten tot de gedingkosten van het hoger beroep, vereffend in hoofde van ge´ntimeerden op 2.000,00 EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep (K.B. van 26 oktober 2007).

* * * * * * * * * *
Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, kamer zeven bis, op 2 maart tweeduizend en negen.

Aanwezig:dhr. Frank Deschoolmeester, raadsheer, wnd. kamervoorzitter; dhr. Yves Henderickx





MEER INFO?

Contactformulier

Consultatie na afspraak

De inhoud van deze website is louter informatief, en kan niet aanzien worden als het verlenen van juridisch advies, noch kunnen hieraan rechten ontleend worden. De auteurs aanvaarden hieromtrent geen enkele aansprakelijkheid.



Cassier &
Van Maldeghem

Kantoor Gent
Brugsevaart 31
9030 Gent

+32 (0)9 349 61 23


Kantoor Antwerpen
Brusselstraat 51
2018 Antwerpen

+32 (0)3 369 12 72


kantoor@cvm-advocaten.be