Aannemer - laattijdig - weersomstandigheden


© CASSIER & VAN MALDEGHEM - klik voor meer info of voeg ons toe op linkedin



Rechtbank van Eerste Aanleg te Turnhout, 4 februari 2008

Samenvatting:

1. De verbintenis van een aannemer werken uit te voeren vr een bepaalde datum is een resultaatsverbintenis. Bij gebreke aan overmacht begaat de aannemer bij niet-nakoming een contractuele fout.
2. Neerslag in het voorjaar is normaal voorzienbaar en vormt dus geen overmacht voor een aannemer van dakwerken.
3. De bouwheer kan zich bij ontbinding ten laste van de aannemer beroepen op een schadebeding bedongen bij annulatie of verbreking "om welke reden ook".

Integrale tekst:

in de Openbare zitting van de VIJFDE KAMER, van de RECHTBANK van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Turnhout,

INZAKE :

NV RENODAK SYSTEMS, met vennootschapszetel te 2490 BALEN, Nijverheidsstraat nr. 7, ondernemingsnummer 0454.267.328;
Eiseres op hoofdeis, verweerster op tegeneis

TEGEN :

1.B. A., geboren te (...) op (...),
2.V. S., geboren te (...) op (...),
beiden wonende te (...);
Verweerders op hoofdeis, eisers op tegeneis;


Gezien de stukken van de rechtspleging, in het bijzonder:

- de inleidende dagvaarding, betekend bij exploot van plaatsvervangend gerechtsdeurwaarder Peter Snoeck te Turnhout van 19 juni 2006;
- de besluiten van eiseres, neergelegd ter griffie op 3 augustus 2006;
- de besluiten van verweerders, neergelegd ter griffie op 27 februari 2007;
- de besluiten van eiseres, neergelegd ter griffie op 7 maart 2007;
- de beschikking bij toepassing van art. 747, § 2, Ger.W. van 12 juli 2007;
- de besluiten van verweerders, neergelegd ter griffie op 28 juni 2007.

Gehoord partijen bij monde van hun voormelde raadslieden, in hun middelen en besluiten op de openbare zitting van 7 januari 2008.

Gezien de stukken van partijen.



I. FEITEN

Volgens ondertekende bestelbon van 7 maart 2006 zou eiseres het dak op de woning van verweerders te (...) vernieuwen voor de prijs van euro 7.795,-. Verweerders bewonen deze woning niet zelf maar verhuren ze. Met de hand werd bijgeschreven "dringend eind maart 2006". De keerzijde van de bestelbon bevat algemene voorwaarden waar op de voorzijde niet naar verwezen wordt. Zij voorzien onder meer "bij annulatie- of verbrekingscontract" in een forfaitaire schadevergoeding van 33 % "van het factuurbedrag".

Per aangetekende brief van 31 maart 2006 schreef eiseres aan verweerders dat dezen de bestelling die dag telefonisch hadden geannuleerd. Eiseres verwees naar de bedongen 33% verbrekingsvergoeding en bood aan de werken alsnog uit te voeren. Zij schreef dat de weersomstandigheden niet hadden toegelaten het dak open te leggen.

Tweede verweerster schreef eiseres op 1 april 2006. Zij verwees ook naar het telefoongesprek van 31 maart 2006, maar had blijkbaar nog geen kennis van de brief van eiseres van 31 maart 2006. Zij verweet eiseres ondanks de goede weersomstandigheden niets te hebben uitgevoerd. Aan de telefoon zou namens eiseres zijn gezegd dat zij geen tijd had wegens overwerk.

Navolgende briefwisseling tussen de advocaat van eiseres en verweerders leidde niet tot een oplossing.

Eiseres legt gegevens voor van het KMI in de stations Geel en Retie. In beide stations viel geen neerslag op 1, 3 en 4 maart en van 12 tot en met 23 maart 2006. Op de andere dagen viel wel neerslag.

Partijen verwijzen naar wat er zou besproken zijn op de inleidende zitting van 28 juni 2006. De zetel was toen anders samengesteld, zodat de huidige samenstelling geen kennis heeft van wat alsdan besproken werd. Het proces-verbaal van de zitting vermeldt louter dat de zaak in voortzetting werd gesteld op de zitting van 4 oktober 2006 voor neerlegging stukken, inzonderheid in verband met weerverlet. Op de zitting van 4 oktober 2006 verscheen eiseres niet meer. De door haar voorgelegde gegevens van het KMI vermelden dat zij werden aangevraagd op 30 juni 2006.



II. VORDERINGEN

Eiseres vraagt, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, niettegenstaande alle verhaal en zonder borgstelling, de tussen partijen ondertekende aannemingsovereenkomst van 7 maart 2006 met betrekking tot uitvoering van dakwerken te ontbinden lastens verweerders en hen hoofdelijk te veroordelen tot betaling van euro 2.572,35, te verhogen met de moratoire interesten vanaf 21 april 2006 en de gerechtelijke interesten.

Verweerders vragen de hoofdeis ontvankelijk doch ongegrond te verklaren.

Op tegeneis vragen zij dezelfde overeenkomst ontbonden te verklaren, zoniet te ontbinden, lastens eiseres en in hun voordeel, en eiseres te veroordelen tot betaling van euro 2.572,35, meer de verwijlinteresten sinds 1 april 2006 en de gerechtelijke interesten.



III. IN RECHTE

A. Ontbinding van de overeenkomst

Tussen partijen bestaat er terecht geen betwisting over dat de verbintenis van eiseres tot vervanging van het dak op de woning van verweerders vr eind maart 2006 een resultaatsverbintenis was, zodat zij bij gebreke aan uitvoering een contractuele fout beging tenzij zij zich kan beroepen op overmacht.

Eiseres stelt dat deze overmacht volgt uit de dagelijkse neerslag vanaf 24 maart 2006 tot en met 31 maart 2006, periode waarin zij de uitvoering voorzien had.

Daarin kan zij niet gevolgd worden.

Enerzijds viel er na ondertekening van de overeenkomst geen neerslag van 12 tot en met 23 maart 2006. Tussen partijen was niet overeengekomen dat de werken per definitie in de laatste week van maart 2006 zouden gebeuren, alleen dat zij vr eind maart 2006 zouden gebeuren. Aangezien eiseres ook op haar bestelbon adverteert met de leuze "nieuw dak in 24 uur", moest deze ruimte van twaalf dagen zeker volstaan om de werken uit te voeren.

Anderzijds is regenval in het voorjaar geenszins uitzonderlijk maar integendeel volkomen normaal te noemen. Het is aannemelijk dat eiseres de werken niet kon uitvoeren bij regen, maar dan diende zij in de overeenkomst te bepalen dat de termijn zou worden verlengd in geval van regen. Dat is in de voorliggende overeenkomst niet gebeurd.

Mogelijk was eiseres overbevraagd, zoals zij volgens verweerders zou hebben gemeld, maar dat was dan louter het gevolg van het feit dat zij teveel opdrachten op een te korte tijd aannam.

Van overmacht kan derhalve geen sprake zijn, zodat verweerders op 1 april 2006 terecht de contractuele fout van eiseres vaststelden en van hen niet kon geist worden dat zij alsnog uitvoering zouden toestaan.

De houding van verweerders is geenszins strijdig met de goede trouw. Zij waren gerechtigd zich te beroepen op de contractuele wanprestatie van eiseres.

Eiseres stelt voor desgevallend een plaatsopneming te organiseren, al dan niet in bijzijn van een deskundige. Daar is echter geen reden toe. De plaatsopneming zou geen afbreuk kunnen doen aan de vaststelling dat de werken niet werden uitgevoerd vr eind maart 2006, wat volstaat om tot de contractuele fout van eiseres te besluiten.



B. Schade van verweerders

Verweerders brengen geen concrete bewijzen voor van hun schade, maar begroten louter conform de vordering van eiseres op 33 % van de aannemingsprijs.

Het beding zoals het voorligt is niet alleen in het voordeel van eiseres bedongen. Het voorziet in een schadevergoeding van 33 % bij annulatie of verbreking "om welke redenen ook", wat de fout van de aannemer, eiseres, dus geenszins uitsluit. Art. 32, 15°, WHPC vereist overigens dat in een gelijkwaardige vergoeding wordt voorzien ten voordele van de consument wanneer de verkoper zijn verplichtingen niet nakomt. Het schadebeding is dan ook alleen conform art. 32,15°, WHPC indien ook verweerders er zich op kunnen beroepen. Het beding moet genterpreteerd worden in de betekenis waarin het enig gevolg kan hebben (art. 1157 B.W.), en dat is alleen het geval indien het ook ten voordele van verweerders geldt.

De vastgestelde vergoeding komt de Rechtbank evenwel overdreven voor, en zij wordt bij toepassing van art. 1231, § 1, B.W. ambtshalve herleid tot 15 % van de aannemingsprijs of euro 1.169,25. Daarbij wijst de Rechtbank erop dat kan worden aangenomen dat verweerders op korte termijn een nieuwe aannemer moesten kunnen vinden om het werk uit te voeren, teneinde de leegstand te beperken. Zij stellen trouwens zelf dat werken werden uitgevoerd door hun zoon met hulp van een derde, voeren niet aan dat zij geen andere aannemer vonden en leggen daarvan geen stukken voor.

De door eiseres tot heden verschuldigde interesten zijn vergoedende en geen verwijlinteresten.





OM DEZE REDENEN,
en de rechtspleging geschied zijnde in het Nederlands,
conform art.2,34,36,37 en 41 der wet van 15 juni 1935 op het gebruik der landstalen in gerechtszaken.

DE RECHTBANK, vonnissend op tegenspraak en in eerste aanleg :



Verklaart de hoofdvordering ontvankelijk doch ongegrond.

Verklaart de tegenvordering ontvankelijk en in de hierna bepaalde mate gegrond.

Verklaart de overeenkomst tussen partijen van 7 maart 2006 betreffende de uitvoering van dakwerken aan de woning te (...), ontbonden lastens eiseres.

Veroordeelt eiseres om aan verweerders DUIZEND HONDERD NEGENENZESTIG EURO EN VIJFENTWINTIG CENT ( euro 1.169,25 ) te betalen, te vermeerderen met vergoedende interesten aan de wettelijke interestvoet vanaf 1 april 2006 tot heden en vanaf heden gerechtelijke interesten aan de wettelijke interestvoet tot volledige betaling.

Wijst het anders- of meergevorderde af als ongegrond.

Veroordeelt eiseres tot de kosten van het geding, begroot als volgt:

- in hoofde van eiseres: euro 239,96 dagvaarding en rolstelling en euro 650,- rechtsplegingsvergoeding;
- in hoofde van verweerders: euro 650,- rechtsplegingsvergoeding.





J. Thys R. Vinckx





MEER INFO?

Contactformulier

Consultatie na afspraak

De inhoud van deze website is louter informatief, en kan niet aanzien worden als het verlenen van juridisch advies, noch kunnen hieraan rechten ontleend worden. De auteurs aanvaarden hieromtrent geen enkele aansprakelijkheid.



Cassier &
Van Maldeghem

Kantoor Gent
Brugsevaart 31
9030 Gent

+32 (0)9 349 61 23


Kantoor Antwerpen
Brusselstraat 51
2018 Antwerpen

+32 (0)3 369 12 72


kantoor@cvm-advocaten.be